Leo Zeldenrust in Fort Asperen

Fort bij Asperen, links het torenfort en rechts een genieloods (Foto Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed).
Garage van Kleijn in Asperen (Archief fam. Kleijn)..

In 1938 werd tekenaar Leo Zeldenrust, net als zo’n 300.000 andere Nederlandse mannen, opgeroepen voor de mobilisatie. Hij werd als korporaal Zeldenrust opgeroepen voor dienst in Fort Asperen. Fort Asperen maakte deel uit  van de Hollandse waterlinie. In tijden van oorlogsgevaar zou de hele streek onder water gezet kunnen worden om zo de vijand een doortocht te belemmeren. Tijdens de mobilisatie werden in  Fort Asperen enkele honderden militairen gelegerd die daarvoor de voorbereidingen moesten treffen. Ze stonden onder leiding van kapitein van Deth. Die invasie van militairen zette het kleine dorpje Asperen op zijn kop. De hogere militairen werden ingekwartierd bij burgers thuis, voor de rest werden slaapplaatsen gecreëerd in onder andere de Lagere school en in de garage van Kleijn.

Erg hard werd er niet aan de voorbereidingen gewerkt. Niemand geloofde immers dat de Duitsers werkelijk Nederland zouden  binnenvallen, Nederland was neutraal, net als in de eerste wereldoorlog. De soldaten werden gastvrij ontvangen door de dorpsbewoners, ze hadden veel vrije tijd en zorgden voor afwisseling in het dorpsleven.

Tekeningen van Zeldenrust in vertrekken van het Fort bij Asperen (Archief fort Asperen).

Luitenant Berghuis was de direct leidinggevende van Leo Zeldenrust. Hij had oog voor het talent van Leo Zeldenrust. Hij vroeg hem wat tekeningen te maken om de verblijven op te fleuren. Dat werd een portret van Koningin Wilhelmina boven een van de deuren met de tekst Vorstenhuis en Koningsvrouw eeuwigdurend hou en trouw, en op de muur een grote tekening van soldaten in de loopgraven. Leo Zeldenrust was bij de EHBO, dus hoefde geen schuttersputjes te graven of zo. Wat luitenant Berghuis betreft hoefde hij ook geen corvee of ander werk te doen. Hij kreeg alle ruimte om te tekenen en daar maakte Leo Zeldenrust graag gebruik van.

Jan Pannekoek wijst op de tekening de plek aan bij de kerk waar hij naar Zeldenrust keek.
Kerk bij Asperen, Leo K Zeldenrust (Foto: De Gecombineerde Midden Nederland 12 april 1980.

Zo was hij vaak in Asperen op zijn krukje gezeten aan het tekenen. Jan Pannekoek was toen acht jaar en ging graag kijken als hij zag dat Leo zat te tekenen. Hij vond zijn tekeningen prachtig. Zelf hield hij ook erg van tekenen. Hij herinnert zich dat Leo Zeldenrust wat klein van stuk was met een grote neus. Hij was korporaal, dat zag je aan de twee gele strepen op zijn mouw. Twee bananenschillen noemde hij ze. Opvallend was ook dat Leo Zeldenrust heel erg met zijn ogen knipperde, Hij vroeg zichzelf wel eens af hoe je toch met zulke knipperende ogen zo goed kon tekenen. De vader van Jan Pannekoek was aannemer, ze woonden in de Achterstraat. Veel mensen hadden soldaten in huis, maar dat was bij hen thuis niet het geval. Hij herinnert zich dat Leo Zeldenrust een slaapplaats had in Salem, het verenigingsgebouw van de Hervormde gemeente in de Voorstraat.

Leugenbankje te Heukelen, Leo K Zeldenrust.
Huis aan de Linge te Leerdam, Leo K Zeldenrust.

Leo Zeldenrust fietste ook vaak wat rond in de omgeving om tekeningen te maken. Zo kwam hij ook in Heukelem en tekende daar het nog steeds bestaande Leugenbankje. Tekeningen die hij veelal verkocht aan de bewoners van de huizen die hij tekende, op die manier had een hij een interessante aanvulling op het salaris dat hij als militair kreeg want dat was niet meer dan twee gulden per week. Met  2 gulden kon je trouwens best wel iets doen in Asperen. In het huis van Croes kostte een kop thee 2 cent, koffie 3 cent, en bier 12 cent. Door deze activiteit van korporaal Leo Zeldenrust  zijn er veel tekeningen bewaard gebleven van de Lingestreek, waarvan er veel in particulier bezit zijn.

Huize Sonnenvanck te Asperen, Leo K Zeldenrust.

Luitenant Berghuis had een goede relatie met de familie Kleijn. Hij klom later in het leger op tot generaal. Hij kwam ook na de oorlog nog vaak bij de familie Kleijn langs. Ook Leo Zeldenrust kwam tijdens de mobilisatie regelmatig bij de familie Kleijn.  Hij tekende hun ouderlijk huis, Huize Sonnevanck, en maakte eens een spotprent over een voorval waarbij mijnheer Kleijn, die verwoed amateurfilmer was, door een overijverige schildwacht werd gearresteerd..

Bericht over koortje o.l.v. korporaal Zeldenrust (Foto Gecomb. Geldersche en Zuid-Holl. Bladen, 4 mei 1940).

Maar ook in Asperen zelf was Leo actief.  Hij nam een kinderkoortje onder zijn hoede en werd er de dirigent van. Op die manier trad hij een klein beetje in de voetsporen van zijn vader die dirigent was bij het Haagse operakoor. Het kinderkoortje had veel succes bij de dorpsbewoners en zelfs een paar dagen voordat de oorlog uitbrak werd er nog een uitvoering gegeven ter gelegenheid van de verjaardag van prinses Juliana. In 1940 en in 1941 maakte hij nog tekeningen in Asperen,

Kapitein van Deth kweekte onder zijn manschappen een groot familiegevoel. Ook na de capitulatie, nadat iedereen naar huis was teruggekeerd, hield hij contact met een bulletin dat hij rondstuurde met de naam Familieberichten waarmee hij iedereen op de hoogte hield van het wel en wee van zijn manschappen. Na de oorlog verscheen bulletin nummer zeven waarin hij schreef over korporaal Zeldenrust: Die hadden wij opgegeven, maar na de bevrijding ben ik hem tegengekomen. Hij was niet veel veranderd, was al dien tijd ondergedoken geweest in den Haag. Was weer druk aan het tekenen en had veel werk. Kennelijk was Leo Zeldenrust dus zelfs bij hem uit het zicht verdwenen.

Fragment van het bericht over reünie (Foto Nieuwe Teilse Courant, 1 juni 1946),

Een jaar na de bevrijding organiseerde kapitein van Deth op Hemelvaartsdag nog een uitgebreide reünie van zijn mannen in Asperen met een feestelijk rondgang achter de Harmonie en een koffietafel geschonken door de bevolking van Asperen. Het is niet bekend of Leo Zeldenrust daar ook bij aanwezig was, maar de plaatselijke bevolking is hem niet vergeten.

Burgemeester De Jongh krijgt een jaarkalender overhandigd (Foto De Gecombineerde Midden Nederland, 4 oktober 1980).

In 1980 werd door de Vereniging Oud Asperen in samenwerking met uitgeverij de Merel een kalender uitgebracht met tekeningen die de alom bekende Leo K Zeldenrust tijdens de mobilisatie maakte. De kalender verscheen in  een oplage van 300 genummerde exemplaren, kostte ƒ 12,50 en de opbrengst was bestemd voor het toekomstige museum van Asperen. Op 5 mei 1983 organiseerde de Vereniging Oud Asperen een tentoonstelling in het dorpshuis, met  tekeningen van Leo K Zeldenrust die ter beschikking waren gesteld door dorpsgenoten. Heel wat mensen bleken nog tekeningen van Leo Zeldenrust in hun bezit te hebben.

We hebben zo al aardig wat materiaal over deze periode van het leven van Leo K. Zeldenrust kunnen verzamelen. Er is waarschijnlijk nog veel meer en als u als lezer iets kunt bijdragen dan vernemen we dat graag. Als er genoeg materiaal is zouden we zelfs nog een keer een tentoonstelling van zijn werk kunnen organiseren; de vorige was in 1983 in Asperen. U kunt contact opnemen met ons via het e-adres info(at)erfgoed-zeldenrust.nl

Voor wie tekende Leo K. Zeldenrust in Oegstgeest?

Eerder verschenen in Over Oegstgeest, 35e jaargang nummer 2, November 2023.

Door Har van Fulpen en Ger Koper

In de jaren vlak na de tweede wereldoorlog verscheen bij de Leidse uitgeverij Burgersdijk en Niermans het boekje ‘Wandelingen door Oud Leiden’1. Een wandeling langs 30 markante stadsgezichten, veelal hofjes, van Leiden, getekend door de tekenaar Leo K. Zeldenrust. Het boekje was kennelijk een succes, want in de jaren erna verschenen soortgelijke boekjes met wandelingen door de oude binnenstad van Amsterdam, Utrecht, ‘s Gravenhage, Dordrecht en Delft2. Hoewel in de boekjes de tekeningen niet gedateerd zijn lijkt het er op dat de meeste tekeningen al gemaakt werden in de periode 1933 tot 1940. Leo Zeldenrust moet in die periode een enorme productie gehad hebben, want niet alleen  bevatten deze boekjes samen al ruim 200 tekeningen, in de gemeentearchieven zijn ook nog eens hele verzamelingen van zijn tekeningen te vinden, alleen in Leiden al zo´n 200 stuks. Bovendien tekende hij ook nog regelmatig in opdracht van particulieren.

Maar die honderden tekeningen onthullen niets over de maker: Leo Zeldenrust. De stadsarchieven hebben wel zijn tekeningen, maar er is geen correspondentie met de maker ervan terug te vinden. Sterker nog, niemand wist tot voor kort wie de auteursrechten van de tekeningen bezat, zodat de meeste archieven de tekeningen angstvallig verborgen hielden om te voorkomen dat ze opeens geconfronteerd zouden worden met een schadeclaim vanwege ongeoorloofde publicatie.

Als er zo weinig over iemand bekend is, dan krijg je vanzelf de kriebels. Wie is die man die in de jaren dertig stad en land afreisde om met veel gevoel voor detail allerlei markante stads- en dorpsgezichten vast te leggen? Het werd tijd om dat eens uit te gaan zoeken.

Auteursrecht

Leo Zeldenrust werd als Leo Coenraad Zeldenrust geboren op 14 januari 1905 in den Haag als tweede kind van Justine Victorine Enthoven en de toen bekende musicus Henri Leonard Zeldenrust.  Over de muzikale aspiraties van Leo Zeldenrust is niets bekend, wel weten we dat hij na de HBS een kunstopleiding volgde aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in den Haag. Zijn voorliefde voor onderwerpen is duidelijk: rustieke plekjes in oude binnensteden. Vaak kleine doorkijkjes of schilderachtige hoekjes. Hij tekent ze met een bijna nonchalante precisie. Al rondtrekkend door Nederland,  want zijn tekeningen zijn te vinden in stads- en gemeentearchieven van Amsterdam tot Rotterdam, van Dordrecht tot Utrecht. Hij maakte zelfs tekeningen in Antwerpen en Parijs. En dat in een tijd dat reizen per stoomlocomotief een hele onderneming was.

Leo Zeldenrust kwam uit een Joods gezin, maar hij trouwde in 1940 met de katholieke Maria Carolina Martina Blok, wat overleven in de Tweede Wereldoorlog voor hem misschien net iets gemakkelijker heeft gemaakt. Dat zijn werk in de periode 1940-1945 niet onbelemmerd door kon gaan zal duidelijk zijn. Zijn ouders en zijn oudste zus werden in 1943 omgebracht in Auschwitz. Leo overleefde de oorlog. Maar de oorlog had wel sporen bij hem achter gelaten. Mensen die hem gekend hebben herinneren zich dat hij een beetje gehandicapt was door een zenuwtrek rond zijn oog. Als hij op 24 december 1977 overlijdt is hij door ziekte al een paar jaar niet meer in staat om te tekenen.

Leo en zijn vrouw blijven kinderloos. Als zijn vrouw, Rietje Blok op 1 december 1992 overlijdt zijn ook zijn twee kinderloos gebleven zussen die de oorlog overleefd hebben inmiddels gestorven. Dit betekent dat de familie heeft opgehouden te bestaan. Vandaar dat de vraag ‘wie bezit de auteursrechten’ niet zo vreemd is.

Een bericht in het stadsarchief van de Gemeente Amsterdam biedt opeens uitkomst. Ze blijkt in het bezit te zijn van een brief van Boekhandel de Kler uit Leiden, waarin die meldt dat de auteursrechten op de tekeningen van Leo K. Zeldenrust aan hen zijn overgedragen. Ze schrijven aan het archief: ‘Bijgevoegd is een handgeschreven brief van mevrouw Zeldenrust-Blok, gedateerd 16 december 1981 waarin zij “onvoorwaardelijk afstand” doet van de auteursrechten op de tekeningen van wijlen haar echtgenoot ten gunste van boekhandel de Kler B.V.’3

Boekhandel de Kler is in die tijd naast boekhandel ook uitgever en waarschijnlijk kennen ze elkaar, want in 1979 publiceerde de Kler het boek ‘Hofjes in Leiden’4 met daarin een groot aantal tekeningen van Leo Zeldenrust. Kennelijk had mevrouw Zeldenrust het vertrouwen dat boekhandel de Kler na haar dood goed voor de auteursrechten zou zorgen en meer boeken met tekeningen van haar man zou publiceren. Dat laatste gebeurde echter niet.

Tekeningen in Oegstgeest
Oud Poelgeest, getekend door Leo K. Zeldenrust in 1939.

Het ligt voor de hand dat Leo Zeldenrust, als hij zo vaak vanuit zijn woonplaats den Haag naar Leiden ging om te tekenen, ook wel mooie plekjes of bijzondere gebouwen in  Oegstgeest getekend zal hebben. Er zijn echter maar een  vijftal tekeningen van zijn hand van Oegstgeest bekend.

Oud Poelgeest gefotografeerd door Paula van Ommen in 2023.

In 1939 maakte Leo Zeldenrust een tekening van kasteel Oud Poelgeest. Het betreft de achterkant van het kasteel, gemaakt vanaf de Haarlemmertrekvaart, zie hierboven. Kasteel Oud Poelgeest was sinds 1907 onbewoon, op de tekening van Leo Zeldenrust zie je dan ook dat de luiken gesloten zijn. Hetzelfde jaar nog werd het kasteel gevorderd door het Nederlandse leger. Na de capitulatie in 1940 werd het koetshuis gebruikt voor Duitse legerpaarden. Van een vordering door de Duitsers is het nooit gekomen5.

‘Villa Onrust’ aan de Laan van Oud Poelgeest 13, getekend door Leo K. Zeldenrust in 1939.

In hetzelfde jaar 1939 tekende Leo Zeldenrust ‘Villa Onrust’ aan de Laan van Alkemade, zie hierboven. Het pand is  nu te vinden als Laan van Oud Poelgeest nummer 13, met de hoofdingang aan de Poelgeesterweg. Dat is het verlengde van de Laan van Alkemade. De villa werd in 1934 ontworpen door architect A.J. Vester uit Oegstgeest in opdracht van de heer I.J. Sloos6. De heer Sloos was zeker geen onbekende in Oegstgeest en omstreken. Zo organiseerde hij op eigen terrein paardenrennen7. Hij richtte in 1923 het Instituut voor Handelswetenschappen op. Dat ging later over in de Leidsche Onderwijs Instellingen waar hij zelf president-directeur van werd8. Hij was ook mede-eigenaar en -oprichter van de Wetenschappelijk Boekhandel9 aan de Breestraat in Leiden.

Laan van Oud Poelgeest 13 anno 2023, foto Paula van Ommen.

Voor zover wij hebben kunnen nagaan is er geen band tussen de eigenaar of architect van dit pand en Leo K. Zeldenrust. Wellicht heeft Zeldenrust dit getekend in de hoop het later te verkopen?

‘Oudenhof’aan de Willinklaan 2, getekend door Leo K. Zeldenrust in 1940.

Een  jaar later, in 1940 tekende Leo Zeldenrust het huis ‘Oudenhof a/d Marelaan te Oegstgeest’. Het pand ligt aan de Marelaan, met de ingang op Willinklaan 2, zie hierboven. Het huis was op het  moment dat Zeldenrust het tekende net gebouwd. De bouwtekeningen zijn van architectenbureau M. Laurentius uit Voorschoten en dateren van oktober 193710. Het huis werd gebouwd voor dr. Frans Christiaan Bursch11.

Willinklaan 2 anno 2023, foto Paula van Ommen.

Het is niet onwaarschijnlijk dat Frans Bursch de tekenaar zelf opdracht gaf om zijn huis te vereeuwigen.  De kans dat de twee elkaar  kenden is groot. Frans Bursch was jarenlang conservator bij het Rijksmuseum van Oudheden. In 1935 tekende Leo Zeldenrust alle gevels van het Rapenburg, waaronder de gevel van het Rijksmuseum van Oudheden. Een omvangrijk werk met meer dan honderd getekende gevels12. Leo Zeldenrust zal daar weken mee bezig geweest zijn en dat zal zeker zijn  opgevallen bij conservator Frans Bursch. Aan de andere kant had Frans Bursch duidelijk warme gevoelens voor het nationaal socialisme13. Dat zou voor Zeldenrust een goede reden kunnen geweest zijn om niet met de eigenaar van het pand in contact te treden.

Oestgeester kanaal vanaf boerderij Haaswijk, getekend door Leo K. Zeldenrust.

Uit diezelfde tijd stamt een tekening van het Oegstgeesterkanaal, zie afbeelding hier boven. De beschrijving van een reproductie in het archief luidt: `Zicht over het Oegstgeesterkanaal vanaf boerderij Haaswijk in de richting van de uitmonding van de Pastoorswetering bij de huizen van het “Laagje” in de Dorpsstraat, nabij de Zoutkeetlaan, circa 1940’ en is gemaakt door de in Oegstgeest en omstreken bekende fotograaf Loek de Groot14.

Landhuis aan de Laan van Oud Poelgeest 7, getekend door Leo K. Zeldenrust in 1941.

Tot slot is in het archief nog te vinden een tekening getiteld “Landhuis te Oegstgeest”. Het is het huis gelegen aan de Laan van Oud Poelgeest nummer 7, zie hier boven. Het huis werd in 1939 gebouwd in opdracht van mevrouw A.C. Sijthoff – Plemp (1866 – 1956). Zij is de echtgenote van Gerard Henri Sijthoff, de in 1917 overleden directeur van het Leidsch Dagblad15

Laan van Oud Poelgeest 7 anno 2023, foto Paula van Ommen.

Het huis werd ontworpen door architect van der Wall uit Wassenaar en wordt in de ‘Paarse Nota’16 omschreven als ‘Landhuis (1939), karakteristiek, markante plasticiteit en vormgeving’17. Of de tekening spontaan door Leo Zeldenrust is gemaakt, omdat het huis het in zijn ogen waard was om vastgelegd te worden, ofwel dat hij het in opdracht deed van mevrouw Sijthoff, is  niet bekend.

Conclusie

Op geen enkele manier is er een verband te vinden tussen de tekenaar Leo K. Zeldenrust en de eigenaars of ontwerpers van de panden die door hem getekend zijn. Er zijn wel tentoonstellingen geweest in die tijd, vaak in den Haag maar ook in Leiden18, waar werk van hem tentoongesteld is. Helaas is niet na te gaan welke werken dat waren maar het is niet onmogelijk dat bovengenoemde tekeningen daar te zien waren. Om in zijn levensonderhoud te voorzien heeft hij tekeningen verkocht, hij had immers ook contacten met kunsthandels. Sommige van die tekeningen zijn nu nog in de handel, andere hangen wellicht half vergeten aan een muur …

Wij zijn nog steeds op zoek naar meer informatie over deze ‘tekenaar die zichzelf weg tekende’19. Kunt u ons helpen? Neemt u dan alstublieft contact op!

Nawoord

Een bezoek aan het archief van het kadaster in het gebouw van het Nationaal Archief in den Haag leverde niet alleen informatie op over de eerste eigenaars van de panden aan de Willinklaan en de Laan van Oud Poelgeest, maar ook over de oorspronkelijke landeigenaren. Vanaf 1832 kunnen gegevens worden geraadpleegd en de eerste registratie is dan ook van de erven van baron Alexander van Rhemen (1783-1822) die de percelen C154 en C156 verkopen aan Lodewijk Caspar Luzac. Deze en andere transacties worden ook genoemd in het boek  van Freek Lugt over het nabijgelegen landhuis Oud Poelgeest4.

Advertentie overgenomen van de ‘Canon van Oegstgeest, episodes uit de geschiedenis van een dorp’, red. F Lugt en M. Spieksma-Boezeman, 2009, blz. 90.

Zoals te verwachten valt maken de percelen deel uit van het grondgebied van Oud Poelgeest. Zo gaan de percelen bij de verkoop in 1850 over aan jonkheer D. Th. Gevers van Endegeest. Maar met de verkoop van Oud Poelgeest aan Gerrit Willink in 1856 blijft het perceel C156 in bezit van de jonkheer. Pas als Gerrit Willink naar Bennebroek verhuist en Oud Poelgeest over doet aan zijn dochter Johanna Georgina Maria Willink bij het huwelijk met haar volle neef Jacob Hendrik Willink, komt dat perceel als schenking van de Jonkheer weer in de familie. Daar blijven de percelen totdat ze in 1934 aan de gemeente Oegstgeest verkocht worden door Arnoldine Leonie Willink, de kleindochter van Gerrit Willink.

Noten
  1. Wandelingen door Oud Leiden, inleidende tekst N.J. Swierstra, Burgersdijk en Niermans – Templum Salomonis, Leiden, 1946.
  2. Zie voor een (in)complete biografie onder het lemma Leonardus Coenraad Zeldenrust op nl.wikipedia.org.
  3. H. Kleibrink en R. Spruit, Hofjes in Leiden, de Kler, Leiden, 1979.
  4. F. Lugt en M. Wesseling, Oud-Poelgeest, van middeleeuws kasteel tot rustpunt in de Randstad, de Bink, Leiden,  2014, blz. 104.
  5. Ibid, blz. 160.
  6. Bouwdossier BD00973, gemeente Oegstgeest.
  7. Leidsche Courant, 31 mei 1937, p. 12.
  8. Nieuwe Leidsche Courant, 19 augustus 1970, p. 7.
  9. Nieuwe Leidsche Courant, 29 april 1941, p. 6.
  10. Bouwdossier BD002614, gemeente Oegstgeest.
  11. Archiefviewer kadaster, gemeente Oegstgeest, legger artikel 4127.
  12. Beeldbank archief Erfgoed Leiden en Omstreken, signatuur PV6499.50-01 tot en met PV6499.50-43.
  13. Leidsch Dagblad, 8 oktober 2003, p. 12.
  14. Beeldbank archief Erfgoed Leiden en Omstreken, signatuur 711-DG-315.
  15. Bouwdossier BD01134, gemeente Oegstgeest.
  16. Voorstel tot aanwijzing van waardevolle gebouwen, opgesteld door de vereniging Oud Oegstgeest, september 1987.
  17. In het boek ‘Van cottage tot Engels landhuis: met het oeuvre van Marinus van der Wall en Adrianus Leijen’ door B. Burgers uit 2016 (ter inzage bij Koninklijke Bibliotheek) staat ten onrechte dat het huis is gebouwd door Arie de Koster. Volgens het kadaster (gemeente Oegstgeest, legger artikel 4579) verwerft hij het pand pas in 1942 en laat het later verbouwen.
  18. Nieuwe Leidsche Courant, 11 augustus 1948, p. 2; Leidsch Dagblad, 19 december 1988, p. 7.
  19. Opgeschreven uit de mond van Peter Viering, maart 2023.

Leidsch Antiek

Eerder verschenen in Oud Leiden Nieuws oktober 2022.

Hoe komt zo’n man als Leo K. Zeldenrust (1905-1977) er toe om zoveel met name oudere gebouwen te tekenen. In het archief van Leiden en omstreken zijn alleen al ruim 200 tekeningen te vinden. En praktisch allemaal zijn ze gemaakt in de dertiger jaren van de vorige eeuw. Zo kunt u in dat archief een serie van 41 pentekeningen vinden die álle gevels van het Rapenburg uit 1935 weergeven. Eén daarvan geeft het Rijksmuseum voor Oudheden weer zoals die was voor de verbouwing. Aan de hand daarvan heeft C.J. Cortenbach, tekenaar van de Rijksgebouwendienst, in de zeventiger jaren er een gemaakt van ná de verbouwing.

Zoals al in een eerder artikel gemeld (zie Oud Leiden Nieuws van juni 2021) is er bijzonder weinig bekend over de Zeldenrust. Wat we wel weten is dat hij ook te boek stond als journalist. Inderdaad zijn er van zijn hand kunstrecensies te vinden. Bijvoorbeeld in de Nieuwe Leidsche Courant van 11 juni 1947 schreef hij een recensie over een expositie van Lajos d’Ebneth in de Kunstzaal aan het Prins Mauritsplein in den Haag.

Veel vaker schrijft Zeldenrust artikeltjes rond een of meer tekeningen uit een bepaalde buurt. Zo schrijft hij voor de Leidsche Courant in de periode 1933/34 een serie van zeven artikelen met de titel “Leidsch Antiek”. Ze zijn genummerd van I tot VIII, maar nummer IV ontbreekt helaas. Het is in die stukjes dat de schrijver zijn voorkeur blootlegt. Leest u maar eens het volgende citaat dat u kunt vinden in de Leidsche Courant van 11 januari 1934, zie tekening:

Een van de aardigste steegjes van de “Sleutelstad” is de Klimmende Leeuwsteeg. Beginnend op de Oude Vest met een poortje, loopt het met een flauwen bocht naar de Haarlemmerstraat. Lang is het niet, breed evenmin; het is zelfs zo smal, dat twee personen elkaar er ternauwernood in kunnen passeren en vuil dat het is ….!

Toch behoort het tot die slopjes, die, wat schilderachtigheid aangaat, een eerste plaats innemen.

De witgekalkte gevel op den achtergrond, de hooge schoorsteenen en roode pannedakjes vormen een mooi geheel, terwijl de groote gaslantaarn en de balk, om de muren te stutten, het hunne bijdragen de aantrekkelijkheid te verhoogen.

Begrijpelijk is het, dat nuffige dames vol afschuw dit oord ontvlieden, doch wie zich verlustigen wil in het aanschouwen van een typisch oud steegje, dat binnenkort afgesloten wordt, kan hier zijn hart ophalen.

Foto Paula van Ommen

Die Klimmende Leeuwsteeg bestaat, ondanks alle nieuwbouw in die omgeving, nog steeds. De makkelijke manier om die te vinden is vanaf het Havenplein de Haarlemmerstraat in te lopen. Dan passeert u eerst de Koestraat en de Maria Gijzensteeg. Het volgende steegje rechts is dan de Klimmende Leeuwsteeg dat ook een van die kant af zichtbaar straatnaambordje draagt. Je kunt er niet meer doorheen lopen zoals Zeldenrust al schreef, een deel is privé woonerf geworden. Bij de Oude Vest 213-5 is wel weer het poortje te vinden met een prachtige schildering er boven, zie foto; het is meestal gesloten.

De artikeltjes uit de serie Leidsch Antiek kunt u (digitaal) raadplegen in het krantenarchief van Erfgoed Leiden en Omstreken, maar zo zijn ze niet erg goed leesbaar. Daarom heb ik een transcriptie gemaakt die u kunt vinden op www.erfgoed-zeldenrust.nl, de website van de Stichting Beheer Erfgoed Leo K. Zeldenrust die sinds kort de auteursrechten beheert.

Mocht uw belangstelling voor het werk van Zeldenrust gewekt zijn, dan kunt u zich van 5 november 2022 tot 6 januari 2023 verlustigen aan een tentoonstelling die georganiseerd wordt in de omgang van de bibliotheek aan de Nieuwstraat.

Leo Zeldenrust tekende de geschiedenis

Eerder verschenen in Oud Leiden Nieuws van juni 2021

Leonardus Coenraad Zeldenrust was een begaafd beeldend kunstenaar die zich toelegde op het tekenen van historische bouwwerken. Hij ondertekende met Leo K. Zeldenrust en als we die naam intikken bij een zoekmachine voor het wereldwijde web dan komen tientallen pentekeningen tevoorschijn in verschillende vormen. Zo zijn er de ingelijste pentekeningen, boekjes en bijdragen aan kranten, tijdschriften en boeken. Verder veel reproducties waaronder de kalenders uitgegeven door de Witte Merel in Hazerswoude. Leo geeft in een vragenlijst van Kunsthandel Pieter A. Scheen uit den Haag aan ook aquarellen gemaakt te hebben. Zo die nog beschikbaar zijn dan toch lastig te vinden. Het gemeentearchief van den Haag zou een exemplaar hebben.

Zo wijd verbreid zijn werk ook moge zijn, informatie over de persoon Leonardus Coenraad Zeldenrust is bijzonder lastig te vinden. Hieronder een samenvatting van de summiere resultaten van recent onderzoek in de beschikbare archieven.

Leo is geboren in den Haag op 14 januari 1905 als tweede kind van de toen bekende musicus Henri Leonard Zeldenrust en zijn vrouw Justine Victorine Enthoven. Het gezin telde in totaal vier kinderen waarvan Leo de enige zoon was. Van vader Henri is wat fotomateriaal beschikbaar in het gemeentearchief van den Haag waaronder bijgaande foto die in 1937 gemaakt is ter gelegenheid van zijn 60ste verjaardag en 40 jarig jubileum als dirigerend musicus. Op de achtergrond de woning van het gezin aan de van Limburg Stirumstraat 21. Hij bedankt op de foto zijn collega Jacob Hamel – voor velen geen onbekende – voor het huldebetoon.

Uit de bovengenoemde vragenlijst voor Kunsthandel Scheen blijkt ook dat Leo na de lagere school de HBS doorliep. Als we aannemen dat hij de 5-jarige variant nam, dan is hij vervolgens rond 1923 aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten een tekenopleiding gaan volgen.

Van zijn activiteit als tekenaar vernemen we pas rond 1931 als hij zich aanbiedt voor reclame-ontwerp en uitvoering. Maar hij heeft niet stilgezeten, want in 1933 worden zowel door het gemeentearchief van den Haag als van Leiden stukken van hem aangekocht. Hij maakt in die tijd ook veel geïllustreerde stadsbeschrijvingen en niet alleen van den Haag. Zo verzorgt hij in 1933/34 een serie geïllustreerde artikelen onder de naam “Leidsch Antiek” voor de Leidsche Courant.

Leo trouwt in 1940, net na het begin van de Tweede Wereldoorlog, met Maria Carolina Martina Blok. Het is voor Rie Blok het tweede huwelijk en zij woont na de scheiding bij haar ouders aan de Wassenaarschestraat 124 in den Haag. Leo trekt daar na de voltrekking van het huwelijk bij in. Kort daarna verhuist het paar naar de Obrechtstraat. Lang zal het daar niet blijven want volgens de burgerlijke stand moet Leo in de zomer van 1943 naar Duitsland. Rie trekt daarop weer bij haar ouders in.

Leo Zeldenrust behoort, net als de rest van zijn familie, tot het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap en zijn dus joden. Leo overleeft, net als zijn twee jongere zussen de Tweede Wereldoorlog maar zijn ouders en oudste zus worden door de Nazi’s vermoord in Auschwitz.

In de oorlogstijd is er geen activiteit van Leo te bespeuren maar meteen er na biedt hij zich aan om lessen “handteekenen” te verzorgen. Leo woont dan weer samen met Rie aan het Weigeliaplein in den Haag. Hij zal zich gerealiseerd hebben dat al zijn tekenwerk van voor de oorlog, met name van oud Rotterdam, in trek zullen zijn en al spoedig brengt hij een boekje “Verloren karakteristiek van Rotterdam” met tekst van A. Donker uit. Het blijkt een schot in de roos en al spoedig volgen er meer waaronder “Wandelingen door Oud Leiden”. Met name het boekje over Rotterdam is nog steeds een gewild artikel.

Of hij nog veel getekend heeft in latere jaren is niet duidelijk. Sommige gearchiveerde werken worden gedateerd na de oorlog maar het is niet duidelijk of dat de publicatiedatum, bijvoorbeeld van een van de boekjes, of de vervaardigingsdatum is. Er zijn in ieder geval geen krantenartikelen meer hoewel zijn tekeningen wel worden gebruikt als illustratie van artikelen door anderen. Dat gebeurt ook nu nog in de 21ste eeuw, soms zelfs zonder vermelding van de auteur. Volgens A. Huisman, van de uitgeverij de Witte Merel, zou Leo een slechte gezondheid hebben die hem verhindert om in latere jaren nog veel te tekenen. Hij overlijdt in 1977. Zijn vrouw Rie overleeft hem ruim en overlijdt pas in 1992. Met het overlijden van zijn zus Sophie, die enige bekendheid geniet als dierenbeschermer in Afrika, sterft de familie Henri Zeldenrust uit. Er zijn geen auteursgerechtigden meer en de omvangrijke productie van Leo Zeldenrust is “verweesd”. Veel van zijn werk is bewaard gebleven. Al voor de oorlog verkocht hij veel aan archieven, ook aan die van Leiden. Wellicht een vooruitziende blik op wat de nazi’s zouden kunnen brengen?

Een schets van de hand van Leo Zeldenrust van het Sint Salvatorshofje aan de Steenstraat.
Het Sint Salvatorshofje anno 2021.

De detail in de tekeningen van Leo Zeldenrust is verbluffend. Laten we bijvoorbeeld eens kijken naar de tekening van de binnenplaats van het Sint Salvatorshofje aan de Steenstraat in Leiden zoals dat in het boekje “Wandelingen door Oud Leiden” is te vinden. In het midden zien we de toegang tot de poort. Door een andere lichtval, bij Leo stond de poort waarschijnlijk open, is het houten hek minder zichtbaar maar het is er wel. Het huis rechts is praktisch identiek, het enige verschil is een regenpijp die er kennelijk toen niet was. Aan de linkerkant zijn wel verschillen maar aan de kleur van de stenen is wel te zien dat het hier een recentere verbouwing betreft. Het raam helemaal bovenin het huis boven de poort is nog duidelijk aanwezig, dat er onder is kennelijk verwijderd.

Er zijn eigenlijk maar een paar tekeningen in het boekje over Leiden die relateren aan een situatie die niet meer terug is te vinden zoals die van huizen aan de voormalige Korte Scheistraat. De wandeling, zoals die op het kaartje in het boekje is aangegeven, is nog goed te doen en geeft een mooi beeld van heden en verleden door de ogen van deze begaafde beeldend kunstenaar.